Skip to content
zicht op een stad met water en groen

22/07/2026

Leestijd:8min

Sweco Belgium

Bouwen mét de natuur: hoe architectuur en biodiversiteit hand in hand gaan

Onze steden groeien. Maar terwijl we bouwen, verdwijnt de natuur. De bebouwde omgeving heeft een aanzienlijke impact op de biodiversiteit: natuurlijke habitats moeten regelmatig plaats ruimen voor nieuwbouwprojecten, en het sterk versnipperde landschap en de hoge verhardingsgraad in steden maken het moeilijk voor dieren om veilig hun weg te vinden van de ene naar de andere groenpool.

De stad als ecosysteem

Het principe van natuurinclusief bouwen staat daar expliciet tegenover: via gerichte ingrepen bijdragen aan de lokale biodiversiteit, het leefgebied van populaties vergroten en de doorwaadbaarheid van de bebouwde ruimte verbeteren. Werken met de natuur is bovendien niet enkel in het belang van planten en dieren – het is vooral in het belang van de mensen zelf.

  • Onderzoek toont aan dat minder toegang tot groen in de woonomgeving samenhangt met slechtere mentale gezondheid en minder welzijn.
  • Studies tonen vaak meer sociale interactie, buurtcohesie en ervaren veiligheid in groenere, beter onderhouden openbare ruimten.
  • Natuur en biodiversiteit helpen bij koolstofopslag, luchtzuivering en gezondheidswinst.
  • Natuur in de stad verhoogt de resistentie tegen klimaatverandering, in de strijd tegen stedelijke hitte-eilanden, vervuiling en overstromingen.
  • Natuurinclusief bouwen verhoogt de marktwaarde van het onroerend goed. Een gezondere, leefomgeving met meer comfort is aantrekkelijker op de huur- en koopmarkt.
Vanuit je woning zie je minstens

3

bomen

In je buurt is er minstens

30

% boomkroondekking

Je woont op maximum

300

meter van een publieke groene ruimte

Bij Sweco geloven we dat elk bouwproject een kans is: een kans om gebouwen niet als gesloten volumes te beschouwen, maar als actieve bijdragers aan een gezonde leefomgeving – voor mensen én voor de natuur.

 

Van dak tot omgeving: een geïntegreerde aanpak

Natuurinclusief bouwen is geen optelsom van losse ingrepen.
Het is een geïntegreerde aanpak waarbij het gebouw én zijn omgeving samen worden beschouwd.
Het begint met de juiste aanpak – en de juiste mensen aan tafel.

Vertrek van wat er al is.

Een bouwperceel heeft altijd al een ecologische geschiedenis.

  • Welke dieren komen er voor?
  • Welke bomen, struiken of waterpartijen zijn aanwezig?
  • Welke ecologische corridors lopen er door of langs het terrein?

Door die bestaande waarden te lezen en te respecteren, bouw je op een levende basis – en voorkom je dat waardevolle habitats onnodig verloren gaan.

Wist je dat?

1 volwassen boom die gekapt wordt, moet vervangen worden door 400 nieuw aangeplante bomen om dezelfde voordelen te bekomen.

Betrek een ecoloog van bij de eerste schets.

Elke diersoort heeft eigen specifieke behoeften: de gierzwaluw heeft een onbelemmerde invliegopening nodig, de huismus een stofbadje, en vleermuizen gedijen enkel in voldoende donkerte.

Een ecoloog brengt die kennis in van bij de start van de ontwerpfase. Bovendien is natuurinclusief bouwen vaak goedkoper dan gedacht: low-tech ingrepen aan de tekentafel hebben vaak geen meerkost.

Het gebouw zelf als habitat.

Van gevel tot dak biedt een gebouw kansen die de biodiversiteit verhogen en tegelijk voordelen opleveren voor de eindgebruikers en omgeving.

Groendaken zorgen voor biodiversiteit, waterberging en verkoeling.
Gevelgroen vermindert fijnstof, isoleert en biedt voedsel en schuilgelegenheid voor insecten en vogels.
Geïntegreerde nestkasten – als neststenen, vleermuispannen of spouwopeningen – geven beschermde soorten een vaste plek, zonder concessies aan energieprestatie of architecturale kwaliteit.

De nabije omgeving als verlengstuk.

Het gebouw is slechts één onderdeel van het verhaal. De directe omgeving – met inheemse bomen en struiken, bloemrijke borders, wadi’s en onverharde zones – is minstens even belangrijk.

Een goede leidraad hierbij zijn de acht V’s die diersoorten nodig hebben:

Voortplanting – Voedsel – Vocht – Verspreiding – Veiligheid – Verstoringen – Verbinding – Variatie

Wie al deze noden van diersoorten invult in zijn ontwerp, creëert een robuust en levendig stedelijk ecosysteem.

Als ecoloog merk ik dat de beste resultaten ontstaan wanneer we al bij de eerste schetsen rond de tafel zitten. Dan kunnen we de bestaande ecologische waarden van een perceel in kaart brengen en die meteen vertalen naar concrete ontwerpkeuzes. Biodiversiteit is geen correctie achteraf – het is een vertrekpunt.

Carmen Van Mechelen, ecoloog bij Sweco

BREEAM: biodiversiteit als meetbare duurzaamheidsprestatie

Natuur-inbouw staat niet op zichzelf – het maakt integraal deel uit van een bredere duurzaamheidsstrategie. BREEAM is in België de meest gebruikte certificeringsmethode voor duurzaam bouwen en beoordeelt een project op tien kernaspecten, waaronder energie, water, materialen, gezondheid en ecologie.
Binnen de categorie “ecologie” wordt specifiek de bevordering van biodiversiteit en de bescherming van natuurlijke habitats beoordeeld.

Om de ecologische waarde effectief te verhogen, is samenwerking met een erkend ecoloog tijdens het BREEAM-proces verplicht. Dit sluit naadloos aan bij de aanbeveling om een ecoloog van bij het begin te betrekken: ecologische en certificeringsambities versterken elkaar.
Het behaalde niveau – van “Pass” tot “Outstanding” – is niet alleen een kwaliteitslabel, maar ook een strategisch instrument dat de marktwaarde en toekomstbestendigheid van een gebouw versterkt.

Neem onderbouwde duurzaamheidsbeslissingen vanuit heldere analyses

Wat mij elke keer weer opvalt, is hoeveel potentieel er zit in de ruimte rond een gebouw. Een strook van twee meter met inheemse bloemen, een kleine waterpartij, een rij struiken als overgang naar de straat – het lijkt weinig, maar voor insecten, vogels en kleine zoogdieren maakt het een wereld van verschil. Stedelijke groene verbindingen zijn de levensaders van onze stadsnatuur, en als ontwerpers hebben we de sleutel in handen om die verbindingen te maken of te verbreken.

Nina Wauters, ecoloog bij Sweco

Sweco in de praktijk
Inspirerende projecten waar biodiversiteit het verschil maakt

Proximus Tower, Brussel

Proximus Tower, Brussel

De herontwikkeling van de Proximus Torens in de Brusselse Noordwijk is een van de meest ambitieuze natuurinclusieve projecten in België. Meer dan een hectare groen — van extensieve groendaken met inheemse planten tot verticale begroening en een ‘klein bos’ — wordt geïntegreerd op een site van slechts 1,3 ha. Specifieke nestvoorzieningen voor de huismus, gierzwaluw, zwarte roodstaart en slechtvalk maken het gebouw tot een echte urban habitat. Het project versterkt bovendien de oost-west ecologische corridor van de Noordwijk en vangt meer dan 2.200 m³ regenwater op. Het project streeft naar BREEAM-, DGNB-, WELL- én BiodiverCity-certificering.

render of Proximus Tower, exterior view zooming in on the raised gardens

Vandemoortele Food Experience Center, Gent

Vandemoortele Food Experience Center, Gent

Het nieuwe hoofdkantoor van Vandemoortele langs de E17 in Gent behaalde de BREEAM Excellent-certificering en combineert een bijna energieneutraal gebouw met een uitgebreide ecologische omgevingsaanleg van 25.000 m². De bestaande ecologische bufferzone werd volledig behouden en versterkt, en de volledige parking van 300 plaatsen is aangelegd zonder aansluiting op het rioolnet — elk druppel regenwater infiltreert ter plaatse. Een ecologisch beheerplan stuurt het onderhoud van weiden, bomen, hagen en oevers, waarbij pesticidengebruik volledig verboden is. Intelligente verlichtingssystemen beperken lichtvervuiling, zodat de fauna op en rond de site ongestoord kan gedijen.

exterior photo of Vandemoortele Food Experience Center, focusing on the natural borders around the building enhancing biodiversity

Regionaal Ziekenhuis Heilig Hart, Tienen

Regionaal Ziekenhuis Heilig Hart, Tienen

Het nieuwe ziekenhuis in Tienen vertrekt vanuit een expliciete ecologische en landschappelijke visie, waarbij het kenmerkende Hagelandse landschap — akkers, weilanden, grachten en bomenrijen — wordt geïntegreerd in een robuust blauwgroen netwerk op en rond de site. Door compact te bouwen wordt maximale kwalitatieve buitenruimte bewaard, en het verwijderde groen werd royaal gecompenseerd. Streekeigen beplanting, groendaken en daktuinen versterken zowel de biodiversiteit als het thermisch comfort van het gebouw.

render of the new H. Hart Hospital in Tienen, exterior view on green environment - Sweco Architects

Bouwen aan een levende stad

Een gebouw moet functioneren op meerdere niveaus. Het kan een thuis zijn voor de huismus die nestelt in de gevel, de vleermuis die schuilt in de spouw, de bij die foerageert op het groendak. Gebouwen moeten en kunnen verzoenend samengaan met hun omgeving – niet als een louter inpalmen op de natuur, maar als deel van een groter ecologisch verhaal.

 

Biodiversiteit is geen bijkomende optie.
Het is een ontwerpprincipe.

 

Onze consultants behandelen vervuiling, resource management en klimaatverandering in de stad door natuur en biodiversiteit te betrekken als essentieel deel van de oplossing. Inclusieve en duurzame steden bieden voordelen voor de gezondheid, de economische vitaliteit en sociale gelijkheid.

Onze architecten, landschapsarchitecten en ecologen integreren hun expertise van bij de eerste schets.

Kleine ingrepen, groot effect. Benieuwd hoe wij biodiversiteit integreren in uw project?

 

Schrijf je in op onze nieuwsbrief

Ontvang updates over baanbrekende projecten, duurzame oplossingen en exclusieve inzichten van Sweco. Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief en transformeer mee naar de toekomst.
  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
    U kunt uw toestemming op elk moment intrekken via de uitschrijflink in onze e-mails.